Verslag ronde 5
Gardé 1 – Eindhoven 2 3 – 5
Na een toch wel teleurstellende vorige ronde ( 4 – 4) ondernamen wij vol goede moed de reis naar Soerendonk voor de wedstrijd tegen Gardé 1. Wij stonden gelijk in matchpunten maar zij hadden een wedstrijd meer gespeeld (wij zitten in een poule van negen teams) ook was er voor ons een ratingplusje te verwachten dus wij gingen ervoor.
Na een ongebruikelijke zetvolgorde kwam Ludo in een zeldzame variant van het Bogo-Indisch terecht. Nadat hij verzuimde wat ruimte te pakken stond het ongeveer gelijk en bood Ludo remise aan, mede met het oog op zijn beperkte bedenktijd. Omdat zijn tegenstander nog bezigheden had die middag werd dat aangenomen zodat Ludo de score opende. ½ – ½.
Ivan begon met zwart aan een Siciliaan maar kwam, omdat zijn tegenstander de 2. c3 variant speelde, in een Franse doorschuifvariant terecht. Wit koos hier voor de gevaarlijke Ld3 variant die Ivan op geheel eigen wijze wist te bestrijden. Ivan wist met zijn Dame de a en b pion van wit te winnen maar kwam hierdoor in een zetherhaling terecht waarbij zijn dame steeds lastig gevallen kon worden door de toren van wit. 1 – 1.
Met zwart speelde Hans Bosscher tegen Ferry Daamen (oud clubgenoot van ons).
Wit speelde erg tam: na een rustige gesloten opening, een soort Zuckertort, met b2-b3 gevolgd door Lb2 en later d2-d4. Zwart had geen enkele moeite om gelijk spel te verkrijgen en na een zonderlinge paardzet (Pc3-a4) kwam zwart met b7-b5 onmiddellijk overwegend te staan. Na vijftien zetten stond wit al slecht, verloor kansloos de kwaliteit, maar zwart miste (volgens Stockfish-analyse) de kans om nog meer voordeel te behalen. Het resultaat was dat wit een sterk verdedigend paard in het centrum kreeg en zwart een zwakke pion op c6. Op dat moment zag Hans geen winstkansen meer voor hemzelf, durfde geen gewaagde pionzetten te doen (maar Stockfish thuis, wel).
Na wat heen en weer geschuif nam hij genoegen met remise. 1½ – 1½.
Zie partij met hier nog een aanvulling van Hans:
Na de 18-de zet van wit speelde ik 18…Pdc5: (is goed) maar veel beter zou zijn 18…..Pf6-e4 waarna wit niet gemakkelijk een sterk paard zou overhouden.
Met zwart speelde Hans van den Hurk tegen Wessel Veerbeek. Wit koos voor een wat passieve opstelling waardoor Hans met zijn stukken richting zijn koning kon gaan. Met enkele dreigingen koos wit niet voor de sterkste verdediging waardoor Hans met zijn paard via f4 en h3 schaak de pion op f2 kon slaan. Na Kxf2, e3 schaak kon hij het paard op d2 ophalen met de pion op d2 gedekt. Hans kwam met al zijn zware stukken op de e-lijn en toen wit uiteindelijk de pion op d2 sloeg was dameverlies of mat onvermijdelijk en wit gaf op. 1½ – 2½.
Ik speelde net als vorige seizoen tegen Albert Jan Blank en weer kwam er een Catalaan op het bord. Zwart speelde het niet heel actief waardoor ik toch wel een mooi initiatief kreeg. Toen het erop aan kwam moest ik kiezen voor Toren c1 (veilig) of de pion naar d6 spelen (deze zet bleek later groot voordeel te geven). Gezien de situaties op de andere borden speelde ik op safe met Tc1 en het liep hiermee remise. 2 – 3.
Nirupa speelde met zwart tegen Erwin Talpe. Hij speelde 1.d4 d5 2.Pf3 en Nirupa probeerde Tarrasch te spelen met 2…e6 en later c5. Een paar zetten later kwam zij onder druk te staan maar wist het nog net allemaal te redden. Nirupa had het loperpaar en twee centrumpionnen. Maar daartegen had zij wel een koning op e7 staan. Toen bood haar tegenstander remise aan wat zij accepteerde. 2½ – 3½.
Tegen Xander Ye kreeg Hans Ouwersloot weer eens het Siciliaans te bestrijden, wat hij tegenwoordig graag doet. Zijn tegenstanders keuze tegen Hans zijn vleugelgambiet is een van de scherpste, en leverde een ongeveer gelijke stelling op, maar met dynamisch spel. Concreet kreeg Hans voor de geofferde pion een sterk centrum en een zwarte zwakke pion op d6. Na wat onhandig gemanoeuvreer van de kant van Hans ging Hans zijn pion op e4 in het doosje, maar de kwaliteit die zwart ook nog dacht te kunnen winnen was een brug te ver. In plaats daarvan kreeg Hans een paard en loper tegen een toren en twee (verbonden vrij-)pionnen voor zwart. Hans zijn paard was echter binnengedrongen op e7 en hield de zwarte stelling in een houdgreep, het deed denken aan het paard op b2 in de eerste matchpartij Gukesh-Liren, van een paar weken terug. Maar dan heel anders. In deze heel moeilijke, maar duidelijk betere stelling voor wit, deden ze volgens de computer niet altijd de beste zetten, maar afgezien daarvan kreeg zwart geen kansen meer en won Hans verder overtuigend. 2½ – 4½.
Nico speelde met wit tegen Jasper van Buul. Er kwam een zijvariant van het Spaans op het bord, waarna hij een klein voordeeltje had. In het middenspel maakten beide spelers nogal wat fouten, waarbij Nico zelfs even wat minder kwam te staan. Zwart was ook op een dwaalspoor, en Nico kreeg de kans op een beslissende doorbraak. Nico miste de juiste zetvolgorde en het spel werd uiteindelijk weer volledig gelijk. Nog een valletje proberen: Db2 om de zwarte toren naar e2 te lokken en zo de lange diagonaal te openen. Zwart trapte erin, en Nico won een pion. Het zware stukken eindspel was vermoedelijk gewonnen, als het Nico zou lukken onder gunstige omstandigheden af te wikkelen naar een pionneneindspel. Hij vond de juiste aanpak uiteindelijk niet, en accepteerde remise door herhaling van zetten. Geen goede partij, maar wel een gevecht, en daarmee een revanche voor de vorige ronde, waar Nico voordat hij aan echt schaken toekwam de stukken al in de doos kon doen. 3 – 5.
Rudi Serton
