Na de zoveelste zomer boordevol met sportwedstrijden met verslagen in alle media moest ik tenslotte toch weer aan onze eigen denksportclub denken. Want we gaan we er toch, vol strijdlust en optimisme, weer tegenaan?
Tenminste: dat hoop ik. Maar ik twijfel.
Terugblikkend op het afgelopen seizoen snap ik best dat filmende en luidroepende verslaggevers en boeroepende of juichende toeschouwers niet in de buurt van ons edele spel gewenst zijn. Maar toch…Waarom dan niet zelden het andere uiterste ‘normaal’ lijkt te zijn op sommige momenten in onze club, ja zelfs structureel lijkt te zijn bij ons eerste team?…
Zelfs een verslag(je) op onze website kon er steeds vaker niet meer af. Ik noem maar één voorbeeld. Zo zag ik heel toevallig dat David Miedema, die ik mij nog herinnerde als (kort)broekie, gestimuleerd door een creatieve moeder, ooit eerder al voor het eerste team speelde, met wit Russisch speelde en na 3…d7-d6 rücksichtslos zijn paard op f7 offerde, en won! Maar zoals menig jong talent vertrok hij voor studie. Wel behaalde hij later de meestertitel. Gelukkig voor ons kwam hij nu terug. Natuurlijk werd onder luid gejuich, gevolgd door een extra editie op onze website de terugkeer van de verloren zoon feestelijk gevierd. Maar niet heus!!
Met de staart tussen de benen sloop het eerste team later doodstil de trap af naar een klasse lager. Voor een verslag van andere competities moest je doorgaans ook op de sites van andere clubs zoeken om er achter te komen hoe het was afgelopen. Tja… Moet ik dan gaan voetballen op Curacao of zo om nog eens te ervaren wat clubgevoel is? Iedereen (behalve schakers?) weet toch dat als je ‘er met zijn allen echt voor gaat’ dat dat extra goals en punten oplevert?
Denkend aan teamgeest is het minste wat ik kan verzinnen: zorg ervoor dat ELKE KEER dat een van onze teams een wedstrijd speelt duidelijk is, en liefst vooraf al, wie het VERSLAG schrijft.
Allemaal veel succes gewenst!
Jan Toorman (lid sinds 1980)